• Home
  • Blog
  • 10 mythes over persoonlijke beschermingsmiddelen (pbm) ontkracht

10 mythes over persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM) ontkracht

Geplaatst op 27.07.2026.

Laatst bijgewerkt op 27.07.2026.

Een helm op, handschoenen aan, klaar… toch? Zo simpel is het niet. Persoonlijke beschermingsmiddelen worden op de werkvloer omringd door hardnekkige aannames: over wanneer ze nodig zijn, hoe je ze correct draagt en zelfs over wat ze eigenlijk beschermen. Sommige van die aannames lijken onschuldig, maar kunnen in de praktijk het verschil maken tussen goed beschermd zijn en jezelf een vals gevoel van veiligheid geven.

Er bestaan nog veel misverstanden over PBM’s, juist omdat ze zo persoonlijk zijn. In dit artikel ontkrachten we tien van de meest voorkomende mythes over PBM's.

 

Mythe #1: “Zolang ik mijn PBM’s draag, ben ik veilig”

Half waar. Je mist één cruciaal woord: correct.

Iedereen kan een PBM dragen, maar je bent pas beschermd als je het op de juiste manier gebruikt. Alleen dan ben je goed beschermd tegen de risico’s op de werkvloer.

“It’s not a PPE, if it doesn’t fit.”

Enkele voorbeelden van correct gebruik:

  • Trek je valharnas aan volgens de instructies van de fabrikant. Te los of verkeerd aangetrokken biedt het nauwelijks bescherming.

  • Draag vlamvertragende werkkleding met alle knopen dicht, mouwen volledig naar beneden en je shirt in je broek.
  • Controleer of de levensduur van je veiligheidshelm nog niet is overschreden.

 

Mythe #2: “Als PBM’s aan dezelfde normeringen voldoen, zijn ze identiek en bieden ze dezelfde bescherming”

Onjuist. Twee PBM’s kunnen aan dezelfde norm voldoen, maar toch sterk verschillen in bescherming, comfort én prestaties. Normeringen bepalen minimumeisen, geen identieke kwaliteit, technologie of gebruikservaring.

Stel jezelf bij elke aankoop deze vragen:

  • Voldoet het PBM aan de geldende veiligheidsnormen en aan de Europese PBM-Verordening (EU) 2016/425?
  • Welke technologie of materialen beïnvloeden de prestaties?

Een voorbeeld: snijbestendige handschoenen op basis van lichte maar uiterst sterke vezels (zoals Dyneema®) bieden bij gelijke bescherming meer draagcomfort dan zwaardere alternatieven. Comfort is geen luxe: een comfortabel PBM wordt vaker én correcter gedragen.

De fabrikant is dus niet “doorslaggevend” omdat het een merk is, maar omdat technologie, materiaalkeuze en productkwaliteit bepalen hoe goed een PBM presteert, zelfs binnen dezelfde norm.

 

Mythe #3: “Een PBM dat er nog goed uitziet, beschermt me nog goed”

Onjuist en soms zelfs wettelijk verplicht om te controleren. Het feit dat een PBM er visueel nog in orde uitziet, betekent niet dat het nog voldoende beschermt. Goed onderhoud en correcte reiniging zorgen ervoor dat PBM’s langer meegaan – wat beter is voor je budget én voor de duurzaamheid – maar vooral dat ze blijven doen waarvoor ze bedoeld zijn.

Bij sommige PBM’s is onderhoud verplicht:

  • Valbeveiliging moet minstens één keer per 12 maanden geïnspecteerd worden, en altijd na een val.
    • In België moet dit door een onafhankelijke instantie gebeuren.
    • In Nederland en Frankrijk door een bevoegd – en waar van toepassing door de fabrikant geautoriseerd – persoon.
  • Werkkleding was je beter niet zelf. In België mag dat in veel gevallen zelfs niet wettelijk, omdat je:
    • je privékleding kunt vervuilen met gevaarlijke stoffen,
    • de beschermende eigenschappen kunt uitwassen,
    • én omdat vuile werkkleding zelf een risico vormt (bv. slecht zichtbare hi‑vis door vuil, roet op brandweerkleding, contaminatie).
  • Vuile PBM’s kunnen hun beschermende werking verliezen. Denk aan:
    • hi‑vis die door vuil minder zichtbaar wordt,
    • brandweerkleding waarop roet of residu blijft zitten,
    • handschoenen of maskers waarvan de materialen degraderen door contaminatie.

Gebruik daarom een gespecialiseerde onderhouds- of wasservice die PBM’s volgens de juiste procedures reinigt, controleert en registreert.

 

Mythe #4: “Ik hoef me niet te scheren als ik een ademhalingsmasker draag”

Onjuist. Een baard of snor verlaagt de bescherming tegen gevaarlijke dampen en stoffen. De haartjes veroorzaken kleine lekkages langs de afdichting van het masker. Samen hebben die een grote impact:

Een lekkage van slechts 0,5% langs het masker komt overeen met 10 keer meer onzuivere lucht in je mond en longen.

Sinds de coronapandemie is fit testing sterk ingeburgerd. Met zo’n test controleer je of een nauwsluitend adembeschermingsmiddel (zoals FFP2, FFP3 of een halfgelaatsmasker) goed aansluit op jouw gezicht. Geslaagd? Dan ben je zeker dat je masker doet wat het moet doen.

 

Mythe #5: “Hoe meer normeringen en hoe hoger de prestatieniveaus, hoe beter ik beschermd ben”

Onjuist. Overbescherming is geen extra veiligheid, maar een extra risico. Te zware of overbodige PBM’s verhogen bijvoorbeeld de kans op hittestress, verminderen je bewegingsvrijheid en kunnen het zicht of de tastzin belemmeren.

Laat je leiden door de risicoanalyse (RI&E). Geeft die aan dat een chemische overall van type 5 of 6 volstaat? Kies dan geen zwaardere type 3‑overall die je onnodig beperkt. Het beste PBM is niet het zwaarste of het meest genormeerde, maar het PBM dat past bij het werkelijke risico.

 

Mythe #6: “Bij werken aan elektriciteit heb ik antistatische PBM’s nodig”

Niet noodzakelijk! Het hangt af van het risico. Werken met elektriciteit kent verschillende gevaren: elektrocutie, brand en explosie. Elk vraagt een ander type bescherming.

Antistatisch betekent: zorg ervoor dat ladingen worden afgevoerd.

  • Nodig bij brand- of explosiegevaar.
  • Bijvoorbeeld werkschoenen met antistatische zool (S1, S2, S3) en antistatische kleding (EN 1149-5).

Isolerend betekent: zorg ervoor dat er géén stroom door het materiaal kan.

  • Nodig bij risico op elektrocutie.
  • Bijvoorbeeld isolerende handschoenen, schoenen of matten.

Let op: antistatische schoenen (S1–S3) hebben een doorgangsweerstand tussen 10⁵ Ω en 10⁹ Ω. Deze beschermen tegen elektrische schokken tot maximaal 250 volt AC. Werk je met hoogspanning? Dan heb je gecertificeerde isolerende laarzen nodig want antistatische schoenen volstaan niet.

Let ook op de nieuwe schoennorm EN ISO 20345:2022, met onder andere de markeringen S3L, S3S, S6 en S7. Controleer welke klasse bij jouw werkomstandigheden past.

 

Mythe #7: “Om te weten hoe lang ik veilig kan werken, tel ik de permeatietijden van de PBM’s die ik over elkaar draag met elkaar op”

Onjuist en potentieel zeer riskant.

De permeatietijd (of doorbraaktijd) geeft aan hoe lang het duurt voordat een chemische stof op moleculair niveau door het materiaal van een PBM dringt. Bij chemisch bestendige handschoenen is dit een belangrijke keuzefactor.

Maar wees kritisch:

  • Permeatietijden worden gemeten onder gestandaardiseerde laboratoriumomstandigheden. Dat betekent: vaste temperatuur, geen beweging, geen druk en één zuivere chemische stof. In de praktijk (met hogere temperatuur, wrijving, rek en chemische mengsels) kan de effectieve doorbraaktijd korter zijn. Er is dus geen automatische veiligheidsmarge.
  • Tijden optellen kan niet. Je kunt permeatietijden van verschillende PBM‑lagen niet combineren tot een langere gebruiksduur. Materialen worden onafhankelijk van elkaar aangetast.
  • Degradatie begint al bij het eerste contact met de chemische stof. Het materiaal verliest geleidelijk zijn eigenschappen, zelfs vóór de doorbraaktijd bereikt is.

 

Mythe #8: “Ik mag mijn naam op een veiligheidshelm schrijven”

Onjuist. Het lijkt handig, maar je beschadigt er je helm mee. Markeerstiften bevatten vaak oplosmiddelen en weekmakers die het kunststof van de helm aantasten. Daardoor verzwakt de helm en is je bescherming niet langer gegarandeerd.

De veilige alternatieven:

  • Gebruik speciale helmstickers die geschikt zijn voor veiligheidshelmen.
  • Of laat de personalisatie over aan de fabrikant of distributeur, zodat de bescherming intact blijft.

 

Mythe #9: “PBM’s zijn de eerste stap naar veiligheid”

Onjuist. PBM’s zijn de laatste stap in de arbeidshygiënische strategie. Eerst kijk je of je het gevaar kunt wegnemen of vervangen, daarna of je het met technische of organisatorische maatregelen kunt beheersen. Pas als er een restrisico overblijft, vul je dit aan met PBM’s.

Wie deze volgorde omdraait, verlegt de verantwoordelijkheid volledig naar de individuele medewerker en mist structurele verbeteringen die de hele organisatie veiliger maken.

 

Mythe #10: “Elk PBM met een CE-markering is veilig”

Nee. De CE‑markering betekent enkel dat een product binnen de EU verkocht mag worden en voldoet aan de algemene veiligheids- en gezondheidsvereisten. Het zegt niets over de specifieke risico’s waartegen een PBM moet beschermen.

Een gewone winterhandschoen en een chemisch bestendige handschoen kunnen allebei een CE‑markering dragen, maar ze bieden totaal verschillende bescherming. De winterhandschoen houdt je handen warm; de chemisch bestendige handschoen moet aantoonbaar beschermen tegen gevaarlijke stoffen. De CE‑markering maakt dat onderscheid niet.

 

Dit moet je onthouden

  • PBM’s zijn de laatste stap in de arbeidshygiënische strategie, niet de eerste.
  • Een PBM beschermt alleen als je het correct draagt, onderhoudt en tijdig vervangt.
  • De fabrikant, de norm (EU 2016/425) en de certificering maken wél verschil.
  • Overbescherming is geen extra veiligheid, maar een extra risico.
  • Goedkoper is zelden voordeliger: foutieve of nagemaakte PBM’s brengen je medewerkers in gevaar.

 

Hulp nodig bij de juiste keuze?

De juiste PBM kiezen begint bij een goede risicoanalyse en deskundig advies. Onze experts helpen je graag verder.

Maak een afspraak

 

Veelgestelde vragen (FAQ)

Moet je je scheren voordat je een ademhalingsmasker draagt?
Ja. Een baard of snor veroorzaakt lekkages langs de afdichting. Zelfs 0,5% lekkage betekent tot 10 keer meer onzuivere lucht in je longen. Voer bij voorkeur een fit test uit.

Mag je op een veiligheidshelm schrijven?
Nee. Markeerstiften bevatten oplosmiddelen en weekmakers die het materiaal verzwakken. Gebruik speciale helmstickers of laat de personalisatie over aan de fabrikant.

Hoe vaak moet valbeveiliging gekeurd worden?
Minstens één keer per 12 maanden en altijd na een val. In België door een onafhankelijke instantie, in Nederland en Frankrijk door een bevoegd persoon.

Wat is het verschil tussen antistatische en isolerende PBM’s?
Antistatische PBM’s voeren ladingen af (bij brand-/explosiegevaar). Isolerende PBM’s voorkomen dat stroom door het materiaal gaat (bij risico op elektrocutie).

Wat betekent permeatietijd bij chemische handschoenen?
Het is de tijd die een chemische stof nodig heeft om op moleculair niveau door het handschoenmateriaal te dringen, gemeten in laboratoriumomstandigheden. In de praktijk ligt deze tijd vaak lager.

Hoe herken ik een betrouwbaar PBM?
Controleer de CE-markering, het viercijferige nummer bij categorie III-PBM’s, de geldende norm (zoals EN ISO 20345:2022) en de EU-conformiteitsverklaring. Koop bij een erkende leverancier.

 

Wil je meer veiligheidsnieuws ontvangen en je kennis over veiligheid verrijken? Schrijf je dan in op onze maandelijkse SafetyMatters!

Schrijf je in op onze maandelijkse SafetyMatters